Burn-out treft vooral vrouwelijke manager

Burn-out treft vooral vrouwelijke manager
Vrouwelinosjke managers werken vooral in sectoren die gepaard gaan met
een hoge druk, zoals het onderwijs en de gezondheids- en welzijnszorg.

Veel inzet op symptoombestrijding, terwijl we de echte problemen wel degelijk kunnen oplossen…

klik hier om het artikel te lezen op nos.nl

‘Geen plek voor jonge ambtenaren bij gemeenten’

21 juni: Vandaag een opmerkelijk artikel in de Gelderlander: “Geen plek voor jonge ambtenaren bij gemeenten”

DeGelderlander2

De ontwikkelingen waarover hier te lezen valt, wijken nauwelijks af van gegevens in onderwijsland.
De gemiddelde leeftijd bij gemeenten is 48 jaar en ligt daarmee 7 jaar hoger dan landelijk algemeen.
Het ziekteverzuim in deze sector bedraagt 5,3% en daalt al jaren niet. De kosten op jaarbasis t.o.v. landelijke verzuimcijfers bedragen meer dan 120 mio.

lees het artikel in de Gelderlander hier

 

 

Het verhaal van Bouchra…

Bouchra’s ouders komen in ‘68 naar Nederland. Vader werkt jarenlang in de tabaksfabriek van Van Nelle, moeder zorgt thuis voor de kinderen.  Een hardwerkende, bescheiden familieman en een lieve, bescheiden, zorgzame vrouw.  Die bescheidenheid wordt meegegeven aan de kinderen.

Bouchra, geboren in ’77, valt niet echt op tijdens haar lagere schooltijd. Ze kan goed meekomen, is niet verlegen en geniet van haar vriendinnengroep. Ondanks goede resultaten krijgt ze het advies VMBO. Haar ouders vinden het prima. Bouchra ook, een paar vriendinnen gaan mee naar dezelfde school.

Na het VMBO volgt het MBO. De vraag wat ze wil, kan ze eenvoudig beantwoorden: werken met kinderen, kinderen helpen, ondersteunen. Het onderwijs lonkt. Ze wordt klassenassistente.

Diep in haar hart wil ze het liefst docent worden, maar haar MBO opleiding belemmert de stap en haar ouders, noch haar vriendinnen stimuleren haar  om te kiezen voor een ander opleidingsniveau.

Haar eerste baan krijgt ze op een lokale school. Als jonkie krijgt ze te maken met een docentenkorps op leeftijd. Al na een jaar begint er bij haar iets te kriebelen. De frustratie over  het plafond waar zij tegenaan loopt. De persoonlijke ambities worden belemmerd door de beperkingen van haar baan. In haar thuisomgeving en op school mist ze een klankbord, ze heeft een baan, de partner komt ook vast binnenkort. Haar bestemming is  trouwen met een goede man en kinderen krijgen. Wees dankbaar, bescheiden en gelukkig.

Maar ze merkt dat ze veel meer kan, ze voelt onrust en ongenoegen, haar vrolijkheid verdwijnt en ze krijgt te kampen met chronische moeheid. Steeds vaker meldt ze zich ziek. Naast de vermoeidheid komen er meer klachten. Na aanvankelijke angst voor hartproblemen blijkt ze aanvallen van hyperventilatie te hebben. Van haar arts krijgt ze de diagnose burn-out.

Tijdens haar re-integratietraject komt ze terecht op een andere school. De directeur ziet haar zitten als klassen assistent, niet alleen om haar liefde voor de kinderen en haar gedrevenheid, maar heeft ook oog voor de latente talenten van Bouchra. Ook de personeelsfunctionaris merkt, uit de gesprekken met Bouchra, waar haar pijn zit. In plaats van haar zo veel mogelijk te ontlasten, wordt ze al tijdens de re-integratie uitgedaagd: Investeer in jezelf, volg de juiste opleiding.

Bouchra begint te ontwaken. In het begin nog geplaagd door vermoeidheid, merkt ze gedurende de opleiding dat haar energie toeneemt.

woman-148699_1280

We zijn inmiddels enkele jaren verder.. Bouchra heeft ondertussen zowel haar partner als ook haar akte. Samen met meester Peter staat ze voor groep 6. Daarnaast werkt ze elke week een dag als vrijwilligster, als coördinator bij een internationale stichting die weeshuizen in West Afrika ondersteunt. Ze geniet van haar baan en het vrijwilligerswerk, haar frustraties zijn weg en daarmee de vermoeidheid. Daarbij heeft ze geleerd hoe ze moet spiegelen, door de juiste omgeving te kiezen en hierin je eigen pad te durven bewandelen.

Bouchra is een  van de vele jonge mensen die vol bevlogenheid beginnen aan hun eerste baan. En er vervolgens achter komen dat ze hun energie niet kwijt kunnen. Veel twintigers krijgen te maken met bore-out. De klachten zijn vergelijkbaar met burn-out, het verschil zit in de oorzaak.

Het verhaal van Edward…

Als kind was Edward al geboeid door de natuur. Wanneer zijn klasgenoten in de pauze aan het voetballen waren, was Edward vaak in het struikgewas aan het zoeken naar alles wat leeft. Daarnaast was hij een boekenwurm. Thuis, als zijn huiswerk gereed was, kroop hij ‘t liefst op de bank met boeken, geen kinderboeken, maar boeken over dino’s, walvissen, de wereld en alle wat erbij hoorde.

Op het VWO werd hij vooral geboeid door de exacte vakken, hij slaagde weliswaar niet Cum Laude, maar met 2 negens en 2 achten voor respectievelijk Biologie, Scheikunde en Wis – en natuurkunde had hij toch een hele aardige bagage voor het vervolg.

In deze periode leerde hij iets nieuws: verliefdheid. In 5 Havo zat Lara. Vriendin van een nicht, leerden elkaar in de kantine kennen….het klikte, meer dan dat. Lara wist al lang wat ze wilde: docent Engels, misschien wel Duits….of allebei.

biologieEdward wilde meer doen met zijn favoriete vak, biologie. Had zich al georiënteerd bij enkele universiteiten, maar nog geen keuze kunnen maken. Aangetrokken door het enthousiasme van Lara en vooral aangetrokken door de mogelijkheid om dan veel vaker bij haar te zijn, koos hij ook voor de lerarenopleiding. Zo kon hij én met biologie bezig zijn én met zijn vriendin.

15 jaar later….

Zoals zo vaak is de eerste liefde niet de liefde van het leven. Edward was ondertussen getrouwd met Annette, woonde in een leuk huis, met zoon en dochter, een hond en heeft een prima baan.

Alhoewel. Na zijn studie kon hij vrij snel aan de slag als docent Biologie op de Mavo. Al tijdens zijn stages merkte hij dat de inhoud van het vak hem meer boeide dan het gros van de leerlingen. Hij had zich gedurende de studie de technieken van lesgeven eigen kunnen maken.

In zijn 1e functioneringsgesprek had hij te kennen het werk leuk te vinden, lekker dicht bij huis en aardige collega’s. Minpunt was de ruis in de klassen.

Die ruis ging niet over, zelfs niet toen hij al lang zijn ‘vlieguren had gemaakt’. Edward ontwikkelde gaandeweg een  chronische hoofdpijn, nekklachten, meldde zich steeds vaker ziek en uiteindelijk viel hij langdurige uit. In het re-integratieproces kwam weliswaar aan de orde dat lesgeven toch niet zijn favoriete bezigheid was, maar de nadelen om je te moeten bewijzen in een andere werkomgeving wogen niet op tegen voordelen van baanzekerheid en vast inkomen. Oplossing werd gevonden in een combinatie van taken: beperking van het aantal lesuren en daarnaast een rol als functioneel beheerder en coördinator ICT.

Ook deze combinatie was geen succes, noch het lesgeven, noch de ICT-taak gaven hem de energie.  Bovendien merkte hij dat collega’s hem begonnen te mijden. Leerlingen riepen steeds vaker iets naar hem als hij door de gangen van de school liep. Pauze-surveillance werd een steeds grotere kwelling. Hij raakte in een depressie. Weer  was hij lang niet op het werk aanwezig. Van de collega’s en de schoolleiding hoorde hij bijna niets meer.

Edward,  nu 34, is ondertussen bezig in wederom een re-integratietraject, 2e spoor ondertussen. Uit onderzoeken is ondertussen gebleken dat Edward leidt aan een lichte vorm van PDD NOS. Als hij voor de klas staat verlamt hij, is amper in staat les te geven als hij kinderen kauwgum ziet kauwen of met hun pen klikken. Met het UWV wordt inmiddels gesproken over de mate van arbeidsongeschiktheid en over ‘restcapaciteit’. De schoolbestuurder en de personeelsfunctionaris zitten ondertussen flink met hem in hun maag. Hoe nu verder? Die jongen van het VWO met allemaal achten en negens lijkt 15 jaar later volkomen uitgeblust, ongemotiveerd en ziet zijn leven niet meer zitten.

De ontwikkeling van Edward is het schoolvoorbeeld van fundamentele foute levenskeuzes. Hij koos niet voor zijn persoonlijke ontwikkeling, maar maakte keuzes op verkeerde gronden. In het eerste functioneringsgesprek gaf hij reeds te kennen dat lesgeven het toch niet was. Waarom is dat signaal toen niet opgepakt door de instelling? Niet goed geluisterd?

En waarom nam hij zelf niet het initiatief om een volkomen andere weg in te gaan? Angst voor verlies van inkomen?